Monday, August 13, 2007

Deel 36: Etappe 18 Hoi Ann naar Ho Chi Minh City 0807 - 0808

We gaan in dezelfde trein Hanoi – Ho Chi Minh City (HCMC) waar we vrijdag de 3e mee zijn aangekomen (de SE 1). Ook deze trein is een half uur te laat zodat we 12:10 vertrekken, dinsdagmorgen de 7e augustus.
We hebben geen softsleeper meer kunnen krijgen, zelfs de hardsleeper is al een dag later dan we wilden. We hebben nu de onderste bedden. Dat heeft het voordeel dat we in ieder geval kunnen zitten en nog bij het raam ook. Een man en vrouw van om en nabij resp. 45 en 30 jaar zijn onze reisgenoten. Vriendelijk, maar ze maken verder geen contact. De bovenste 2 bedden zijn in het begin van de rit onbezet.
We hebben niet gerekend op eten in de trein, omdat we nu 2e klas reizen. Maar direct na vertrek krijgen we al lunch geserveerd. Geen onderscheid tussen klassen dus. Onze met moeite gevonden mie houden we over.
De hele middag kijken we veel naar buiten. Het bekende uitzicht: veel rijstvelden in allerlei stadia, dorpjes en bergen op de achtergrond. De kalksteenrotsen zijn nu achter de rug, het zijn “gewone” bergen. Heel veel graven in de velden, vaak in mooie kleuren geschilderd. En sommige stukken zijn wat droger: zanderige, hei-achtige grond met bosjes.


We beseffen ons in de loop van de middag dat dit voorlopig onze laatste gelegenheid is om uit de trein het rijstveldlandschap te zien en elkaar opmerkzaam te maken op alles wat we zien. Morgenvroeg als we wakker worden zullen we al in HCMC zijn, en dan per vliegtuig naar Singapore. We slurpen het landschap op tot het donker wordt. Tussen door lezen we over onze laatste bestemmingen HCMC en Singapore, waar we allebei twee nachten zullen zijn.
Bij een stop in het begin van de avond komt een pas getrouwd jong stel de coupé in: hij werkt bij Philips half conductors in Vietnam, wat zij doet weten we niet. Ze kent wel Engels maar durft het niet te sprekem vertelt haar man. Er volgt een interessant gesprek over de Zuid-Vietnamezen in de oorlog. De vader van de jongen woonde vroeger in Noord-Vietnam en is naar Zuid-Vietnam gegaan toen men na de Geneefse accoorden een 300 dagen de keuze had waar men wilde wonen. Hij heeft als vak leraar gekozen, mede om niet in het leger te hoeven; onderwijzers waren vrijgesteld. Daardoor heeft hij niet als Zuid-Vietnamees tegen zijn landgenoten in het Noorden hoeven te vechten. Volgens de jongen heeft hij het daarom makkelijker dan veel van zijn leeftijdgenoten die hun vader verloren hebben. Hij heeft vrienden die na de oorlog naar Amerika zijn gegaan en die vragen hem wel ook te komen. Hij probeert geen politieke standpunten in te nemen, wil het alleen over de business hebben met hen. Er wordt door de jeugd in Vietnam niet veel over gesproken, maar er zijn wel tegengestelde meningen als er dingen in de wereld gebeuren waar Amerika een rol in speelt: Joegoslavie, Irak. En de meningen lopen langs de lijnen van was je in de oorlog voor de Vietcong of voor Amerika? Wij beseffen ons nog meer dan tot nu toe dat het voor de Noord-Vietnamezen veel eenduidiger was in de oorlog dan voor de Zuid-Vietnamezen en dat men minder moeilijke keuzes hoefde te doen.
De jongen vertelt verder dat economisch gezien Zuid-Vietnam veel verder is dan Noord-Vietnam. Daar is men nog veel traditioneler volgens hem.
De jongen en het meisje gaan tegen tienen na een stop weer naar een andere coupé, dat was zo afgesproken. En wij krijgen 2 mensen op de bovenste bedden erbij, die we nauwelijks of niet zien, want het is bedtijd.
We slapen lekker, Geer in haar zijden lakenzak.
We denken dat we om een uur of acht zullen aankomen en dat als het vroeger is we wel gewekt zullen worden. Maar vlak voor half zeven begint iedereen op te staan merkt Geer. We blijken al in in HCMC te zijn. Kees wordt van de schok wakker. We moeten nog ons aankleden en onze spulletjes pakken en als iedereen al weg is. We haasten ons niet heel erg, het is toch een eindstation. Maar tot onze verbazing begint de trein langzaam terug te rijden als Geer net uit de trein is en Kees er nog in. Misschien wat onverantwoord springt Geer met zware bepakking tegen pogingen van het personeel om haar tegen te houden in weer de trein in. Langzaam rijdt de trein een stukje terug en dan stopt hij nog een keer met een grote bonk. Wij gauw de trein uit en direct daarna rijdt hij verder terug het station uit. Zo hebben we het nog niet eerder meegemaakt.
Het is nog vroeg en rustig op straat. We nemen een taxi naar het Asian Hotel, waar we een reservering hadden gemaakt.

Deel 35: Hoi An 0803 – 0807

We wisten het niet, maar Hoi An is een belangrijke stad in de zeevarende en de hele maritieme geschiedenis waarbij China, India en Arabische landen tussen de Pacific Oceaan en de Indische Oceaan in de afgelopen 2500 jaar een belangrijke rol speelden. Het was een ideale plaats om vers water in te nemen en om de juiste moesson winden af te wachten. Het was belangrijk in het Champa Koninkrijk dat zich uitstrekte van India tot Indo-China. Nog te zien aan My Son, een enorm tempel complex binnen het koninkrijk. Het was verder in de 16e tot 19e eeuw een belangrijke haven voor China, maar ook voor de Portugezen, de Spanjaarden en de Nederlanders. De oude stad is tijdens de Amerika-Vietnam oorlog bombardementen bespaard gebleven van bombardementen en -is in redelijke gave toestand. Het valt ook onder de UNSECO world heritage plaatsen.

Dag een
Het is warm en we gaan de tweede deel van de middag de oude stad verkennen, prachtige vrij nauwe straatjes, de gehele oude stad is auto vrij.

We lopen rond, verkennen de stad een beetje, maken ons vertrouwt met de omgeving, drinken wat koffie en gaan via de ruw stenen straatjes naar het waterfront van de rivier.

Mooi, we zijn warm en gaan even afkoelen op de kamer, het hotel ligt 4 à 500 meter van de oude stad. De zon staat nu in de middag loodrecht boven ons, Hoi An ligt op 15graden55’ en de zon staat op 16 graden.
In de avond gaan we opnieuw naar de rivier en vinden het in de Lonely Planet aangegeven restaurant Hoi An Hai San seafood restaurant, dat enerzijds de Vietnamese keuken volgt en anderzijds een klein beetje in touch blijft met Zweden, want de eigenaar is een Zweed, die hier inmiddels al allang is. We nemen een zeer goede seafood dish. Alles is de vorige nacht cq vanochtend gevangen. Uitstekend met een lekkere fles droge witte wijn. Wat lekker zo vers. Deze eerste dag is ons goed bevallen we vallen als blokken in slaap.
Dag twee
Het plan is om de rondwandeling door de oude stad te gaan doen, maar het regent net te veel cq af en toe veelste veel. Dit is pas de derde keer deze vakantie dat we even het plan om moeten iets moeten bijstellen. We gaan gelijk aan de weblog gaan werken en zorgen dat we weer bij komen.
Eind ochtend is het weer redelijk droog en dus op pad. Nog even snel geluncht bij de uitbating net op de hoek van de oude stad waar we steeds langskomen als we die in lopen. De wandeling begint bij de Phac Hat Pagoda die nog actief in bedrijf is. Het is een moderne pagode met een heel helder betegeld vooraanzicht.
Verder naar twee “kapellen” van twee verschillende Chinese families, de eerste de Truong Family Chapel, uit de 17 eeuw. De familie heeft deze opgericht ter ere van de voorouders die zoveel goed werk hadden gedaan in Hoi An. Ook zijn er plaquettes die werden aangeboden door keizers van Vietnam als blijk van waardering voor het werk dat de familie in Hoi An had gedaan en zelfs een plaquette van een keizer uit China. De tweede is de Tran Family Chapel. Ook hier weer ter verering van de voorouders die ook rond 1700 naar Hoi An kwamen. De kapel is 200 jaar oud en gesticht door de latere familieleden. De voorouder verering en hen om begeleiding vragen is nog steeds sterk aanwezig; ook hier buiten China.
Beide kapellen worden aktief bezocht. De laatste heeft een heel mooie vorm van wierook branden, Uit een doos wordt een wiel van wierook draad aan de kern omhoog getild en aan het plafond opgehangen. De hele wierook hangt als een spiraal naar beneden en wordt aan het uiteinde aangestoken. Tevens wordt er een naamkaartje en een wens bij gehangen en dan maar hopen dat de voorouders hun zegen aan het project of wat dan ook geven. Het wiel is ca 60 cm in diameter.
Wellicht goed te vermelden dat de meeste Chinezen die hier wonen inmiddels zodanig zijn geïntegreerd dat zij ook thuis Vietnamees met elkaar spreken en waar Chines de tweede taal is geworden.
Daarna bezoeken we de assembly hall van de Fujian Chinese congregatie; ook nog steeds aktief. Uit dit alles blijkt dat de Chinezen in Hoi An al heel lang een belangrijke rol spelen en dat Hoi An inderdaad die belangrijke havenplaats was.

We bezoeken ook het museum van Trading Ceramics dat laat ziet dat aardewerk van Hoi An en omgeving naar Japan en india werd verkocht. De stukken aardewerk zijn wel aardig maar het meest interessant is het huis. Beneden de woonruimte en de ontvangstruimte met één voor voor de formele bezoekers en de achterkamer voor de meer bevriende en boven de slaapkamers. Op de boven verdieping kun jne op twee plaatsen naar beneden kijken wat daar gebeurde. We lopen door naar een theater waar een voorstelling wordt gegeven. Een stuk dans, een stukje zingen van oude Vietnam liederen en een soort Peking Opera zoals dat hier in Hoi An wordt opgevoerd. Mooie kleuren en leuk uitgevoerd.
Tegen het einde van de dag gaat het weer regenen, Geer laat zich nog wat broeken aan meten en we gaan naar het hotel om even te relaxen. Begin avond weer naar het water front en bij een ander restaurant eten we weer goede visgerschten op weer een andere Hoi An stijl gemaakt. Met name een soort oester in een heel dun bladerdeeg gekookt, met een voortreffelijk sausje komt heel goed uit de verf.

Dag drie
Even dreigt er regen maar dat is snel voorbij. Fietsen gehuurd en naar buiten de rijstvelden in. Prachtig, het doet ons beiden ineens heel sterk aan Bangladesh denken. De velden zijn vlak zoals onze weilanden in het westen onderbroken met af en toe was bossage waar een boerderij in dit geval een klein dorp is. Het doet Geer aan de Krimpenerwaard denken en omdat het 5 augustus is aan de verjaardag van Opa Goudriaan waar altijd alle kinderen en kleinkinderen op 5 augustus naar Ouderkerk kwamen. Het zou zijn 122e verjaardag zijn geweest vertelt broer Frans per email.

We komen langs een klein stroompje waar wordt gevist met twee soorten netten: werpnetten èn netten die aan de vier uiteinden van twee gekruiste lange stokken verbonden zijn, een soort garnalen vissen. Vooral bij de werpnetten is vooral prachtig hoe de vissers iedere keer hun net als een mooie cirkel uitgeooien. Kees maakt een hele serie fotos. Moeilijk om het juiste moment te vangen.

Aan de overkant van de brug verkoopt een vrouw de vangst aan langskomers, de vis leeft nog. Ze krijgt de vis in plastic teiltjes met wat water erin, meet ze schattenderwijs af, doet ze soort bij soort en doet die in een groen plastic zakje in overleg met de koper, wat meer of wat minder. Dan een scheut water erbij en het zakje wordt dicht geknoopt. Prachtig hoe ze daar gehurkt zit. Onder haar linker grote teen de groene zakjes en onder har rechter grote teen het geld dat zij ontvangt. Zo fietsend kun je mooi op zo’n plaatje uitlopen.

We rijden door via dorpjes laten even een band bij pompen, zien weer mooie schoven rijst staan, Maken plaatje van een hamlet en gelijk komen er een paar jongens naar ons kijken en willen ons even aan raken. Geer loopt een stuk door om fotos te maken en een van de jongens vindt het prachtig om haar fiets op te halen. Met een grote boog gaan we weer terug. Nog een stukje via een “snelweg” waar we het taluud afgaan terug naar Hoi An. Onderweg stoppen we nog voor een stel koeien die door het de rijstvelden lopen. Dat is toch niet “net Nederland”.

Heerlijk zo’n dag alleen maar kijken naar mensen en dorpen.
Eind middag zijn we weer terug. We willen nog even door rijden naar het strand, maar heel donkere wolken komen aandrijven. We keren om en rijden terug naar het hotel. Na 15 minuten barst een groot onweer los, het hoost naar beneden. Blij dat we omdraaiden.
Later is het weer droog en gaan we weer naar het water front. We eten weer voortreffelijk op een balkon op de eerste verdieping: weder om visgerechten met lekkere droge wijn. De Fransen hebben het de Vietnamezen wel goed geleerd.

Dag vier
Gisteren dachten we nog een moter of scooter te huren om naar My Son te gaan, het tempel complex uit de 8e tot 10e eeuw van het Champa Keizerrijk dat zich uitstrekte van India tot Vietnam. Blijkt dat er geen enkele verzekering op zo’n ding te verkrijgen is. We durven het zonder verzekering niet aan, ook al zeggen de verhuurders: “als u kalm rijdt gebeurt er niets”.
We lopen terug naar het hotel en nemen een taxi naar het complex 40 km westelijk van Hoi An.
Het landschap is weer mooi,in het begin het eerste stuk van gisteren, daarna nieuw en we komen langzaam in wat meer heuvelachtig terrein. Wat opvalt zijn af en toe heel mooie graven die midden in het land liggen.

We komen in My Son en gaan naar het tempelcomplex. Mooi gelegen in de heuvels. Van de tempels is niet zoveel meer over, het zijn meer ruïnes. Wel kun je zien dat de gebakken steen zonder cement maar min of meer verlijmd op elkaar liggen, dus geen voeg. En je ziet dat daarin soms heel mooie figuren in uitgehouwem zijn. De plafonds bij enkele tempels doen ons denken aan de pyramides: steeds een klein stukje overlap tot bij de top het plafond wordt gesloten.


We rijden weer terug en zijn ca vier uur terug in Hoi An. Dit keer een heel voorbeeldige jonge chaffeur die heel defensief rijdt.
We lopen weg bij het hotel en gaan nog met een grote boog naar de markt in de oude stad waar we nog niet zijn geweest. Aan de waterkant vooral veel vis afslag. Verder landinwaarts allerlei zaken. We vinden ook de mie voor de reis naar Ho Chi Minh City. Die markten blijven we leuk vinden met die geuren, die geluiden, de kleuren die je ziet en de mensen die je om je heen voelt.
Natuurlijk gaan we aan het waterfront weer eten, weer een ander visgerecht met weer een droge witte Vietnamese wijn.

Dag vijf
Wekker gezet, ontbeten in ons restaurant, afrekenen ....

... en met de taxi naar het station in Da Nang op weg naar Ho Chi Minh City. Het was goed in Hoi An vier nachten te zijn.

Wednesday, August 8, 2007

Deel 34: Etappe 17 Hanoi naar Danang / Hoi An 0802 - 0803

Als we van Halong Bay terugkomen in Hanoi, even ompakken en douchen. Gelukkig is er nog net tijd voor een klein hapje aan het meer, waardoor we Hanoi mooi kunnen afronden. Dan naar de trein die om zeven uur vertrekt. We hebben de twee bovenbedden.
We zitten in een coupé met een Vietnamese meneer, wiens kleinzoon van 8 à 9 jaar in een volgend station instapt. De kleinzoon is heel verlegen en durft ons nauwelijks aan te kijken. Wel vindt hij de trein mooi en klimt onmiddellijk naar het bovenste bed, dat Geer al had opgemaakt.
Eerst blijft het wat schichtig, we verstaan elkaar ook voor geen woord. Een aanbod van een koekje wordt afgeslagen en hij wijst voortdurend naar het andere bed waar wij op zitten dat van hem is. Maar in de loop van de avond beginnen we broodjes en wijn te delen. Onze reisgenoot lijkt de conducteur te kennen. Die wordt met klappen op de schouders en harde stem onze coupé binnen geloodst en is ook van de partij. We toasten bijna bij iedere slok, zoals vaak ook gebruikelijk in China, en al gauw hebben we 1,5 fles achter de kiezen. De kleinzoon wil graag boven blijven slapen of we dat goed vinden? Natuurlijk. Dan gaan we slapen.
De volgende morgen blijkt dat we ons beeld van trein bijstellen: de treinen zijn oud ja en ze hobbelen meer door het smallere spoor. Maar de verzorging is in de softsleeper als nergens: maaltijden krijg je kant en klaar in de coupé geserveerd. Alles wordt regelmatig geveegd, het beddenlaken, sloop en deken in hoes is prima (dus onze lakenzakhoeft er niet aan te pas te komen), toilet papier op het toilet gedurende de gehele reis, etc.
’s Morgens is Kees wat vroeger wakker dan Geer en opa en kleinzoon zijn ook al wakker. Opa vraagt, natuurlijk met allerlei gebaren, of hij een foto mag maken van Kees en kleinzoon samen. Kees is accoord maar gaat even eerst de haren kammen. Dat vind Opa geweldig. Daarna de gezamenlijke foto, kleinzoon nog heel verlegen, maar het lukt. Als Opa met kleinzoon de foto’s bekijkt maakt Kees een foto van hen.


Dat vinden ze beiden geweldig het ijs is nu ook bij kleinzoon weg. Hij kruipt bijna op Kees en wil veel fotos van de omgeving maken met onze camera. Zo ontstaat met twee woorden gezamenlijke taal toch een heel ontspannen atmosfeer. Geer wordt ook langzaam wakker en voegt zich bij ons en krijgt alle verhalen te horen.
In deze wagon blijken we de enige langneuzen te zijn. Wel markante andere medereizigers, maar geen van hen spreekt Engels.

De uitzichten worden nu fraai. Terwijl de trein zich moeizaam omhoog werkt de bergen in, wordt het uitzicht op zee en ander water steeds mooier. Dan daalt de trein opnieuw naar Da Nang (weten we het nog? die plaats met dat grote vliegveld dat in het Tet-offensief door de VC plat wordt geschoten).

We komen met ruim een half uur vertraging in Da Nang aan waardoor we nu na het ontbijt ook de lunch nog geserveerd krijgen.
Na het uitstappen gaat Geer met alle bagage in de wachtkamer zitten en gaat Kees de laatste treintickets kopen van deze reis Da Nang - Ho Chi Minh City. We wisten dat het moeilijk was voor maandag de 6e en dat bleek ook zo, dus werd het dinsdag de 7e maar alleen een hardsleeper was beschikbaar. De eerst volgende softsleeper was voor de 10e dus hardsleeper. Ook dit experiement in Vietnam, hoewel gidsen ons waarschuwen dat niet te doen in Vietnam, we hebben geen keus. Èn we denkenn inmiddels dat het wel mee zal vallen. Jullie horen het in deel 36 Hoi An naar Ho Chi Minh City.
Met een taxi naar Hoi An, naar het hotel van onze eerste keus en die keus is prima. Om ca 14 uur maken we onze basis klaar voor de volgende vier nachten.

Monday, August 6, 2007

Deel 33: Hanoi, 0728 - 0802

Hanoi de eerste dag
Aangekomen op zaterdagmorgen, om half acht zijn we al in het hotel omdat het in Vietnam een uur vroeger is dan in China, tijdsverschil met Nederland is nu 7 uur.
We beginnen met wat rond te lopen in de oude stad, waar ons hotel midden in ligt. Direct al heel anders: er zijn overal koffiebars, de letters op borden zijn voor ons bekend hoewel er veel tekens boven de letters staan, de straatjes zijn vol met westers ingerichte, toeristische winkeltjes: veel prachtige zijde winkeltjes in het gebied waar we lopen, er zijn flink wat blanke toeristen (Nederlanders en Fransen zijn over vertegenwoordigd naar ons idee), de baquettes en de croissants staan weer overal aangeprezen en de koffie is weer heel goed. Hanoi doet Frans aan. Ik geloof dat de Fransen die cultuur van koffie en stokbrood en croissants overal hebben weten achter te laten ook al zijn zij er al meer dan 50 jaar weg.
Heerlijk warm weer, echt tropisch.

We lunchen aan een van de meren (Hoan Kiem Lake of Schildpad Meer) die in de stad zijn, heel idyllisch uitzicht over het meer met een zuchtje wind. Dit wordt de plaats waar we steeds ontbijten en dineren. En passant regelen we de 1e dag gelijk wat we verder in Hanoi gaan doen, bestellen via het hotel de treintickets voor de tocht Hanoi- Hoi An die vrijdag de 3de augustus al vol zit. Daardoor zijn we een dag korter in Hanoi dan we willen: slechts twee en een halve dag. Want we reserveren ook een driedaagse tocht naar de Halong baai die vanuit Hanoi plaatsvindt.
We lopen wat verder dan de oude stad, komen weer langs een meertje, komen door een heel arme wijk met allerlei koopwaar. De wijk waar de sneltrein echt dwars doorheen gaat. De afstand tussen de rails en de huizen is vaak minder dan twee meter, geen hekwerk of wat dan ook er tussen, kinderen spelen tussen de rails en als de toeter gaat moeten ze zorgen dat ze weg zijn. Met hollandse ogen houdt je het bijna voor onmogelijk wat je ziet.
En we lopen tegen de Thâp Diêm tempel aan. Het lijkt een boeddistische tempel, waar allerlei mensen heel actief bezig zijn. Ook zien we voor het eerst dat paarden een belangrijk aandachts punt zijn. Krijgen niet te pakken hoe het precies zit, teveel taal problemen.
Lopen vervolgens door richting rode rivier, maar we halen het niet, het wordt snel donker en we proberen het experiment van de riksja. Met z’n tweëen in een riksja is echt voor een nedderlands stel als Geer en Kees veel te nauw. Zijn blij dat het eindpunt snel is bereikt.

Na de eerste prachtige dag zitten we aan het al vertrouwde meer midden in de oude stad. We hebben nog niet goed binnen dat we in Vietnam zijn. Het nog een beetje als een plaatje / film. Een stukje verwarring komt ook bij ons boven.

De verwarring
Waarom is het verwarrend om in Vietnam te zijn? Geer probeert er aan het eind van de eerste dag iets van te benoemen, zittend aan het meer, en Kees schrijft over het Army Museum, dat in de verwarring ook een rol speelt:
Verwarring: oude dingen komen boven: onze woede destijds tegen Amerika, we lezen over Dien Bien Phu, My Lai, Tet offensief en kerstoffensief, de strijd van de Vietcong, de vele namen die we tegen komen en die wij alleen van de "Vietnam oorlog" kenden zoals het treinticket naar Da Nang.
Zeer emotioneel om dan nu daar te zijn. En hebben het erover dat wat er na de hereniging in ’75 aan wraakacties heeft plaatsgevonden door de Vietcong niet zo erg in onze idealistische kraam te pas kwam. (het komt overeen met wat we de volgende dag in het Army Museum lezen: "The Northern people always thought about the fraternal South). Hield onze betrokkenheid op na de oorlog? Ik herinner me dat het MCNV niet meer zo duidelijk was in haar uitspaken en vooral de hulp en opbouw benadrukte.
We gaan ook de feiten bekijken: het "Army Museum" aan de Dien Bien Phu straat is indrukwekkend. Het bestaat uit twee delen, het verzet en de overwinning tegen de Fransen van 1945 tot 1954, vervolgens de Amerikaanse Vietnam oorlog volgend op de Franse oorlog met de overwinning op 30 april 1975.

Het eerste deel geeft de start van de communistische partij aan, de onderhandelingen in 45 en 46 met de Fransen na de tweede wereld oorlog, hoe Ho Chi Minh en de zijnen zich na het Haiphong incident in november 1946 terug trekken in de bergen en in herfst van 1947 beginnen met het eerste Viet Bac offensief. Daarna laat het, met een aantal tussen stappen, zien hoe zij in 51 dagen Dien Bien Phu innemen en bijna 10.000 Franse militairen gevangen nemen incl. de generaal en de officieren.
Het tweede deel is geheel gewijd aan de opsplitsing in noord en zuid Vietnam, de verkiezingen die afgesproken waren na twee jaar en niet werden uitgevoerd en dan de gehele oorlogsvoering vanaf 1957 als een burgeroorlog met Amerikaanse adviseurs van zuid tegen noord Vietnam en vervolgens van hoe de Amerikanen er zelf instappen vanaf 1966. Johnson besluit hiertoe hoewel eea reeds door Kennedy geheel was voorbereid. Natuurlijk hier de propaganda van Noord Vietnam en hun interpretaties. Ook hoe de opbouw van aantallen Amerikanen in Vietnam verlopen is en weer is afgebouwd met de piek van 568.000 zoals het hier stond.
Een van de indrukwekkendste getallen die Kees vond was bij het "monument" van allerlei vliegtuig schrot en vliegtuigmoteren schrot dat bij elkaar was gezet. Het bordje zegt dat gedurend de Amerika oorlog van 1961 tot 30 april 1975 er 33.068 vliegtuigen boven Vietnam zijn neergehaald cq vernietigd van zowel de US als van Zuid-Vietbamese luchtmacht met relatief eenvoudige middelen.
Kees heeft nog steeds enige moeite om dit getal te geloven, want dit zou inhouden ca 7 vliegtuigen per dag gedurende die 14 jaar. Het zijn er in ieder geval veel geweest. Als al dat geld eens positief zou zijn besteed in plaats aan destructie, hoe zou de wereld er dan uit zien nu? Ook dat komt op in onze "verwarring".
Maar ook: we realiseren ons dat alleen mensen van boven de 60 dit alles bewust hebben meegemaakt en wat jonger is niet meer. We merken dat Engels de voertaal is voor de toeristen. Geen Frans, dat is ook al meer dan een halve eeuw geleden. Wat in ons hoofd zit over Vietnam, is allang verleden tijd. We komen aan in oud-Hanoi en we zien heel veel huizen in Franse stijl van meer dan 50 jaar geleden. Is Hanoi dan niet gebombardeerd?
Een andere verwarring treedt op als we ontdekken dat de hele stad volhangt met banners, er bloemperken zijn gemaakt, een groot monument is opgericht ter herdenking van 60 jaar ...ja ..wat? 27 juli 1947 – 2007.
We kunnen in onze gids niets van 1947 vinden. Navraag op straat en in café leert dat de mensen het (90% of meer) òf niet weten òf ze het hebben over de herdenking van de vele Vietnamezen die in de oorlogen tegen de Fransen en Amerikanen gevallen zijn. Dat kan niet beweren wij. Het enige wat er rond ‘47 plaatsvondt is dat de Fransen in november ’46 bij Haiphong veel mensen gedood hebben en dat Ho Chi Min toen besloten heeft de bergen in te gaan, de start van acht jaar oorlog tegen de Fransen. En toch is gisteren grootscheeps iets herdacht en zijn alle gevallenen daaraan gekoppeld (later in het museum zullen we zie dat 27 juli al jarenlang een herdenkingsdag is). En men blijft erbij dat het de Amerikanen zijn geweest. We zullen het thuis verder opzoeken; misschien de start binnen de vietcong van de voorbereidingen van het Viet Bac offensief dat in najaar en winter van 1947 startte tegen de Fransen.
Wat is er aan de hand met wiens historisch bewustzijn?
Verwarring ook dat we nu lopen te flaneren in een land dat zo getroffen is. Dat we een ticket kopen om 3 dagen naar de prachtige Halong baai te gaan, vlak onder de beruchte Tonkin baai.
In begin dachten we dat we wellicht wat voorzichtig zouden moete zijn omdat er nog haat gevoelens tegen de Amerikanen zijn en velen ons in eerste instantie ook voor Amerikanen aanzien. We merken er niets van; inderdaad Engels is de voertaal binnen het toerisme, de dollar accepteert iedereen en wordt als inflatievast gebruikt. Ja de oorlog is heel erg geweest denken de meesten, maar we moeten verder laat die geschiedenis maar achter ons wat gebeurd is kunnen we niet veranderen nu moeten we verder komen. Althans dat is na enkele dagen onze indruk. Ongewild helpt een Frans stel ons: de vrouw komt uit Zuid-Vietnam, haar familie is destijds deels naar Noord-Vietnam gegaan, deels in het Zuiden gebleven. Ze praat er niet over, gaat op algemeenheden en andere dingen over als we iets vragen. Haar man zegt verontschuldigend dat het beter is vooruit te kijken.
Vietnam begint bij ons binnen te komen, morgen gaan we naar de Perfume Pagode een tocht per bus, boot en voet ca 60 km zuid west van Hanoi. De eerstetwee dagen lukt het nog niet ons helemaal in Vietnam te voelen.
Hanoi de tweede dag
Zondagmorgen gaan we op tijd de oude binnenstad in na een ontbijtje bij het eerder genoemde meer. We volgen een route door de oude binnenstad die bij een tempel op een klein eilandje aan de noord kant van het Hoan Kiem Lake begint. De Ngoc Son Tempel ligt op het kleine eilandje en is omringd door treurwilgen waardoor het heerlijk schaduwrijk is.

De Ngoc Son Tempel en een enkele beschouwing naar aanleiding daarvan
De tempel is gesticht in de 18de eeuw en gewijd aan de wijsgeer Van Xuong en Generaal Tran Hung Dao, de laatste versloeg de Mongolen in de tijd van Gengish Khan (1285), en wordt geёerd voor dit feit en voor zijn uitspraken / geschriften over het recht op vrijheid van een volk. Drie documenten worden genoemd, nl: An appeal for Officers and Man, waarin het gedrag van het leger wordt beschreven om de wil te hebben de vijand te verslaan en twee Militaire handboeken, de een theorie en de andere de praktijk, die nog steeds als van grote waarden worden gezien. Vele straten zijn naar de top tien helden over de eeuwen heen vernoemd, ook hij valt daar onder evenals Le Loi. Hier merken we dat de Vietnamezen al 3 à 4.000 jaar steeds zorgen dat ze weer vrijkomen uit een vreemde overheersing. Hebben we dat over het hoofd gezien in de 20ste eeuw?
Voor en tijdens het reizen door de landen die we bezoeken lezen we ook over hun geschiedenis.
Zo ook over die van Vietnam. Nog twee quote’s halen we hier aan:

1. In 1418 komt een rijke filantroop Le Loi binnen Vietnam op het toneel. Hij reist door het heel land en leidt de mensen naar de Lam Son Opstand tegen de Chinezen, die in 1428 tot een zegen leidt. Le Loi verklaart zichzelf keizer Ly Thai To van Vietnam. Zijn rechterhand, kameraad en wijsgeer Binh Ngo Dai Cao, schrijft in die tijd (1428)de grote onafhankelijks verklaring van Vietnam:
"Our people long ago established Vietnam as an independent nation with its own civilization. We have our own mountains and our own rivers, our own customs and traditions, and these are different from those of the foreign countries to the north…... We have sometimes been weak and sometimes powerful, but at no time have we suffered from a lack of heroes".
2. De Londense hoofdredacteur van de Lonely Planet uitgave 2005, schrijft:
"The Americans were simply the last in a long line of invaders who had come and gone through the centuries and, no matter what was required or how long it took, they too would be vanquished. If only the planners in Washington had paid a little more attention to the history of this proud nation, then Vietnam might have avoided the trauma and tragedy of a brutal war".
's Middags lopen we verder door de stad.
Enkele dingen die opvallen in zo’n wereld stad van 5,5 millioen inwoners:
Zowel op zaterdag avond als op zondagavond rond het bekende meertje gelopen ca 2 km. Je ziet veel gezinnen rondslenteren: grootouders, kinderen en kleinkinderen, dit is echt het plekje waar een deel van Hanoi relaxed.
De jeugd van 18 tot 25 met honderdtallen op bromfietsen, scooters en kleine motortjes om het meer heen. Bijna onmogelijk om over te steken, te meer daar verkeerslichten regelmatig worden genegeerd. Het toetert: "hier kom ik aan, uit de weg". Men zit zelden alleen op de scooter of kleine motor maar twee of drie is het meest voorkomend. Maar het gaat gemakkelijk tot vijf. Klein kind staat direct achter het stuur, vader zit voorop het zadel , moeder achterop en tussen hen in nog eens twee kinderen/volwassenen.
In de binnenstad zijn "Hang" straten (hang is een artikelsoort). "Hang" als de straat van de manden etc, zo zijn er 51 allemaal met een ander product. Prachtig de nauwe straatje en de artikelen die worden aangeprezen.
Vervolgens ‘smiddags naar het Army Museum , gelegen aan de Pho Dien Bien Phu. Het gaat vooral over Dien Bien Phu en de Vietnam Amerika oorlog.
Wat ook opvalt is dat je bijna geen politie of militairen ziet. Ook in China zie je ze heel weinig, maar hier in Vietnam nog minder. En dat voor een communistisch land, waarvan we vaak denken dat er veel rondlopen en dat er geen vrijheid is.
De taxi’s hebben evenals in China een meter en zijn goedkoop. In China is de meter goed afgesteld, verzegeld en kun je er geheel op vertrouwen. Hier niet, men kan er mee knoeien. Het heeft een dag geduurd voor we het door hadden. Maar toen we ongeveer eenzelfde rit maakten als zaterdag en plotseling ipv 20.000 dong 80.000 dong zagen verschijnen was het te gek. Afgerekend met 50.000 en weg was hij zonder protest. Nu is het weer marchanderen voor we instappen.
Perfume Pagode
We besteden onze derde dag Hanoi helemaal aan een bezoek aan de Perfume Pagode, zo genoemd omdat het gebeid in het voorjaar wanneer er veel pelgrims komen enorm naar velerlei bloemen ruikt. Het is een belangrijke heilige plaats van het Vietnamese Boeddhisme. Het is geen pagode in de gewone zin van het woord. Hij bevindt zich in een grote druipsteengrot, 60 km ten zuiden van Hanoi.
De weg erheen is een prachtige natuurtocht. Na twee uur bussen, gaan we in viertallen in stalen roeibootjes die ons een uur door het Vietnamese land varen: lotusbloemen, vissers, rijstvelden, kalkrotsen, helemaal geweldig. Daarna gaan we aan land en gebruiken de lunch net boven de rivier. Het is nu niet druk, we zien dat het geheel op veel, veel meer mensen is uitgelegd, maar daar zijn wij alleen maar blij om.
Dan een fikse klim van 40 minuten de berg op in de hitte om bij de grot te komen. De gids moedigt iedereen weer aan om met de kabelbaan te gaan maar een ieder kiest voor de klim. Hoewel achteraf de kabelbaan waarschijnlijk een aantal zeer mooie uitzichten zou hebben gegeven. Terug lopen we dezelfde route en ook weer dezelfde prachtige boottocht.
Terug van vier tot zes via de kleine weggetjes. Het busje gaat overal doorheen en menig een moet aan de kant voor de veel toeterende auto. Hij wint er misschien 15 minuten mee. Jammer dat het zo moet.
Toch een heel welbestede dag met veel meer oog voor het vlakke rondom Hanoi, waar net zoals in China iedere vierkante meter wordt benut.
Halong Bay en Cat Ba
We hebben ingeschreven op een tocht van drie dagen en twee nachten naar Halong Bay / Cat Ba. Halong Bay is een grote baai aan zee ter hoogte van Hanoi die bekend is om de prachtige kalkrotsformaties die rechtop uit zee opstijgen. Die kalkrotsen vormen een archipel van honderden eilandjes, de meeste onbewoond, alleen vogels en misschien wat konijnen wonen er.
Cat Ba is de stad op het grootste van die eilanden, een km of 25 in doorsnee.
We vertrekken ’s morgens vroeg in een busje met 16 mensen, een tocht van 3,5 uur naar Halong Bay City, aan de baai. Wij zitten vlak achter de chauffeur, een mooie plaats voor het uitzicht, maar ook de plaats waar je ziet hoe gevaarlijk de chauffeurs in Vietnam inhalen. Enfin, het is weer een mooie tocht, we beginnen gewend te raken aan het mooie Vietnamese landschap met rijstvelden, lelies, lotusbloemen, groente, mensen met de bekende punthoeden die op het land werken of aan de wiebelende bamboestok bamboemanden met last vervoeren, met huizen en rotsen op de achtergrond. De huizen zijn van voren heel smal en hoog en lopen diep door naar achtere. Dit wordt nog steeds zo gedaan omdat land schaars is in Vietnam en de belastng bepaald wordt doorde breedte van de woning.
In Halong City komen we aan in een geweldig toeristisch gebeuren, even slikken, straks op het water zal het wel beter worden. We lunchen op het schip, een slechte namaak Chinees aandoende jonk voor 16 personen. Prima echter om ons rond te laten varen en één van de twee nachten in een baai te slapen.
We varen na enig wachten weg en de lunch wordt geserveerd. De Halong Bay is inderdaad zo mooi als in een sprookje. De rotsformaties veranderen steeds van vorm, soms met veel bossen begroeid, soms bijna helemaal kaal.


En bij het prachtige weer dat we op enkele uurtjes regen na hebben, is het heerlijk om boven op het dek te zitten uitkijken. De 1e middag gaan we op bezoek in een grote grot met mooie druipstenen. Een heel mooie grot, die volgens de gids al heel veel jaren droog is. Dat is echter niet zo want als je een beetje wacht en de mensen laat passeren hoor je het water licht druipen en zijn er ook veel natte plekken.
Sommige druipstenen zijn al heel hoog en raken bijna het plafond, dan praten we toch over 15 à 20 meter.
De grot is heel mooi, we moeten alleen moeite doen ons niet te laten afleiden door de enorme mensenstroom, de vele bijbehorende kakelende gidsen die allemaal dezelfde grapjes uitleggen over wat de rotsen voor stellen: leeuw, vrouwenborst etc. Wat ons ook niet zint zijn de vele kleuren lampjes die de hele grot opleuken.
Het zwemmen daarna is ook met grote hoeveelheden mensen.
Niet echt wat we gedacht hadden dus. Als we ’s avonds in een baai met tientallen boten blijken te overnachten, voelen we wel teleurstelling. Na de rustieke dag naar de Perfumepagode waar er bijna geen mensen waren, nu dit. We bedenken ons te laat dat met wat beter onderzoek er ook wel wat rustigers te vinden was geweest, al zegt de gids dat er slechts enkele plekken in de hele Halong Baai zijn waar schepen mogen afmeren. Op zich geen slecht besluit. We doen het met wat er is en over de boten heenkijkend toch nog een mooie avond in de baai.
Op onze boot zijn we met een zestien mensen. Een Vietnamese familie, met wie we niet kunnen praten en waarvan de zoon de tweede en derde dag heel erg ziek is, het lijkt op een voedsel vergiftiging maar later legt de gids uit dat hij op bepaald voedsel heel allergisch reageert en dat er waarschijnlijk iets fout voor hem in het eten heeft gezeten. Jammer voor het joch. Dan is er een viertal Ierse leraressen, relatief jonge meiden tussen de 25 en 35 met wie we leuke gesprekjes hebben. Zij doen veel aan zonnen, kleren en bars. Wij zitten direct bij de eerste lunch aan een heel leuke en gemêleerde tafel. Een Koreaan die in Amerika is opgegroeid en zijn zaak een paar jaar geleden gestopt heeft en nu sinds 8 maanden les geeft in Zuid-Korea, Engels zowel aan leiders van bedrijven als aan heel jonge kinderen. Alles zonder enige opleiding in het onderwijsvak. Hij praat er heel verfrissend over. Hij is met zijn dochter die in New York studeert. Een jongen van een jaar of 35 die in California woont. Zijn ouders zijn Vietnamees, vader is piloot voor Zuid-Vietnam geweest en leeft nu in een gemeenschap in California van mensen die nog steeds naast d eAmerikaanse de Zuid-Vietnamese vlag hijsen. Voor hem is het nog iedere dag oorlog zegt zijn zoon, onze reisgenoot. Zijn vader durft niet mee naar Vietnam hij is er van overtuigd dat hij direct in het gevang zou belanden, ziet zijn zoon met veel zorg en zeer gemengde gevoelens gaan. En dan een man uit Slovenië van een jaar of vijftig vijf-en-vijftig wiens vrouw 4 jaar geleden gestorven is en die nu voor het eerst op vakantie is, nu nog alleen, en straks met een nicht die in Ho Chi Mihn stad woont. De variëteit aan mensen geeft gelijk allerlei gesprekken en discussies: over de toestand in Korea, over het opsplitsten van Joegoslavië en de Vietnamoorlog. De Californische jongen vraagt ons Europeanen uit naar onze mening over Amerika en de oorlog destijds in Vietnam en nu in Irak. Noemt zichzelf geen Bush aanhanger, maar vindt het toch goed dat Amerika zorgt dat ze zelf te eten blijven houden in de wereld die volgens hem niet genoeg voedsel heeft. De gesprekken die tijdens de eerste lunch al beginnen, zetten zich 's avonds natuurlijk voort. Boeiend.

Gelukkig wordt het de volgende dagen helemaal goed gemaakt. We zien dan nog wel toeristenboten, maar niet zo veel. We zijn overgestapt op een wat kleinere boot en we varen door de prachtige Halongbaai. Het is nu eb, de rotsen buigen nu aan de onderkant naar binnen. Sommige rotsen lijken daardoor op paddestoelen. We zien ook openingen in de grotten vlak boven het water.

Bij het eiland Cat Ba gaan we een eindje fietsen in het Cat Ba Nationaal Park. We fietsen in een dal tussen bergen met tropische bossen begroeid. We komen langsrijstvelden, komen langs een dorpje waar we prachtige foto's van karbauwen en van huiselijk leven maken.
We nemen dezelfde weg terug en weer op de boot wordt er voor de lunch gezwommen. Sommingen na de lunch weer en dan wordt er gekajakt. De kajaks liggen gemeerd aan een van de vlotten waar plaatselijke mensen op wonen. Ze voorzien in hun levensonderhoud door vissen en de kajaks voor toeristen zijn bijverdienste.

Heerlijk varen door een baai, ergens onder de rots door naar een volgend baaitje, wat verkennen en wat spelevaren, aangenaam en ontspannen.
Vervolgens gaan we richting Cat Ba, een stadje aan de zuidkant van het eiland. We slapen in een hotel aan de baai, weer flink toeristisch. Maar je kunt leuk de andere kant dan de hotels op wandelen. We komen dan in de vissershaven, waar behalve vissersschepen een hele drijvend dorp ligt. Bamboe vlotten, gesteund door met schuimplastic gevulde dragers en daarop heeft men huisjes gebouwd.
Een oud vrouwtje in een heel klein bootje vaart ons er een half uurtje tussendoor.
De volgende dag varen we een lang eind terug en genieten de hele morgen van de prachtige uitzichten. We stappen weer op een grotere boot over en in Halong Bay City lunchen we, waarna we met een busje weer naar Hanoi rijden en om 4 uur aankomen.

Het is al met al een prachtige tocht geweest, stralend weer, ontspannen varen door de prachtige baai, met een mooie uitstap op het eiland, samen met een aantal leuke mensen.

Saturday, August 4, 2007

Deel 32: etappe 16: Nanning - Hanoi, 0727 - 0728

Vrijdag avond om 21.15 vertrekken we uit Nanning.
De weemoed over dat China nu voorlopig voorbij is, verdwijnt snel als we onze plannen voor Vietnam gaan maken en maakt plaats over opwinding over wat komen gaat.
Enerzijds: hoe zal het zijn in Vietnam, waar we in de 60/70’er jaren zo dicht bij betrokken zijn geweest – voor Geer is haar politieke bewustwording ongeveer met de Vietnamoorlog begonnen. Kees maakte het van heel dichtbij mee in die periode dat hij in Augusta Georgia in de VS zat van 1972 tot 1974.
Die vraag is slechts op de achtergrond aanwezig bij het regelen van de praktische zaken. Dan is de opwinding vooral: gaat de reis goed verlopen, hoe zal het hotel zijn en hoe de programma’s die we in ons hoofd hebben: erg toeristisch of zal het meevallen? De ontwikkelingen moeten hard gegaan zijn. In een gids van rond ’97 die we abusievelijk in Nederland aangeschaft hebben, staat voor in Hanoi nog slechts een enkel hotel, in de Lonely Planet die we in Shanghai kopen staan alleen voor Hanoi al 45 hotels genoemd.
Ook wordt enorm gewaarschuwd voor rugzakken die uit treinen gestolen worden en zouden we bij de grens in minibusjes moeten overstappen ca 25 km rijden via de grens en dan weer in de trein naar Hanoi stappen.
We beginnen het uit te zoeken op de plek die we inmiddels steeds als beste vertrouwen: het station zelf. We kunnen daar gewoon kaartjes kopen voor de softsleeper, om de andere dag gaat er een trein. Hotel in Hanoi ook geen probleem, het telefoonnummer van Hanoi staat ook fout in de laatste gids, maar per e-mail gaat het net zo goed èn achterhalen we het veranderde netnummer. Het zal dus allemaal wel meevallen denken we. Al weten we niet hoe de dingen precies zullen gaan, waarom zou het zoveel anders zijn dan in China waar we inmiddels kind aan huis zijn voor het regelen van dingen.
We vertrekken met een kwartiertje vertraging uit Nanning (21:30). Altijd leuke taferelen te zien opwegnaar de trein:
Direct na vertrek komt de conducteur vertellen hoe het bij de grens zal gaan: om 1:05 uur ’s nachts controle China, om 3:35 in Tongdeng uit de trein in Vietnam, daar controle en overstappen in een andere Vietnamese trein. Moet ook want Vietnam heeft smal spoor, dus of passagiers overstappen of wielen wisselen. Hier heeft men voor overstappen gekozen. Zo gaat het ook. Midden in de nacht rijden we China uit, Geer maakt er niet meer van mee dan het zetten van een hnadtekening op de grenspapieren die Kees heeft ingevuld. Dan om 3:35 uit de trein met alle bagage, paspoort- en douanecontrole. Allemaal heel normaal. Nieuw is de gezondheidscontrole: via een gat in een loket meet een ambtenaar met een oorthermometer of we koorts hebben of niet. Voor 2 yuan hebben we onze verklaring en het gaat heel snel: bij Kees wordt alleen zijn wang even aangeraakt.

Dan naar een Vietnamese trein, zelfde wagonnummer (L1), andere plaatsnummers. En dan zien we toch wel dat er een groot verschil is met China en Rusland: veel oudere trein, niet echt schoon, we zijn blij dat we lakenzakken hebben meegenomen. Wat dit eerste stuk wèl hetzelfde is, is dat er gekookt water in de trein is. Onze Engelse reisgenoot ontlokt de coupé de uitspraak: "never been in jail before". Zo erg is het nu ook weer niet, maar tot nu toe waren we sjieker gewend. (In een volgend traject zal overigens blijken dat we ons beeld positief moeten bijstellen).
Als we wakker worden zien we de prachtigste rijstvelden: lichtgroen, mooie terrasbouw. Al gauw komen we in bebouwd gebied. Dat doet ook heel anders aan. Wel veel betonnen, niet al te fraaie flats, maar daartussenin zien we veel Franse invloeden in de architectuur.
In Hanoi komen we aan over de Rode Rivier en dan rijden we dwars door een woonwijk en dan ècht dwars. We kunnen het haast niet geloven. Later op de dag komen we langs eenzelfde wijk en het blijkt dat we het goed gezien hebben: je kijkt vanuit de trein in de winkels en woonkamers op twee meter afstand, vanuit de woonkamer kun je zo de trein instappen. Ook geen enkel hek tussen wonen en de trein, kinderen spellen er vrolijk rond verbazend. Bij de wegen en straten worden bomen met de hand dicht- en open geschoven als er een trein langskomt.
Na aankomst met een taxi gelijk naar het hotel.

Deel 31: Nanning, 0725 - 0727

Nanning, de stad waar je vanuit Vietnam in China aankomt, of de stad waar je China verlaat op weg naar Vietnam.
De stad ligt ca 150km van de Vietnamese grens en was belangrijk bij de doorvoer van allerlei militair materieel tijdens de Vietnam - Amerika oorlog naar Noord-Vietnam. Ook tijdens de oorlog van Ho Chi Minh en de zijnen tegen Frankrijk speelde Nanning al een belangrijke rol.
Op woensdagavond komen we aan in een sjiek hotel, goedkoop geprikt vanuit de Lonely Planet. We lopen voor we gaan slapen nog even naar buiten. Er is een heel groot verkeersplein met daarachter veel neon en superstores als we het hotel uitkomen. Voordat we besluiten ons daar wel of niet in te storten, zien we rechts om de hoek een druk straatje met veel mensen en eettentjes. Dat trekt ons meer. Heel veel fruit – dat had men ons al verteld over Nanning – en tot onze verbazing veel vis, waaronder oesters die we tot nu toe nergens gezien hebben. Terwijl Nanning toch meer dan 150 km van de zee af ligt. Men verzekert ons dat ze vers zijn en hoewel de verleiding groot is geroosterde oester te eten, durven we het toch niet aan en houden het bij een biertje. Een mooi straatje, alles wordt ter plekke klaar gemaakt en op het terrasjes op straat opgegeten. De volgende morgen eerst op ons gemak naar het station gelopen (half uurtje) om kaartjes voor Hanoi te kopen. Onderweg komen we natuurlijk weer van alles tegen, ongelofelijk hoeveel men op twee wielen kan versjouwen, of het op de bromfiets is of op een tweewielige kar.
De trein gaat niet vrijdags overdag (dat heeft onze voorkeur vanwege het naar buiten kijken), alleen om de andere dag ’s avonds. Daardoor hebben we twee ipv één dag in Nanning.
De rest van de dag lopen we door de stad, ’s middag een uurtje apart: Kees ontdekt een geweldige marktstraat met alles wat je maar kunt bedenken. Hij ontdekt ook dat het wat inktvisachtige gerecht dat we bij de lunch gegeten hebben, varkensoor is geweest. Geer shopt wat in de vele en heel grote stores. En daarna maken we Shanghai af voor de weblog, doen nog wat e-mails en pakken de rugzakken om de volgende dag vroeg te kunnen uitchecken. Tot slot nog weer een wandelingetje door het eetstraatje. Overdag is er niets van te bekennen, ’s avonds wordt het pas opgebouwd.
Die volgende dag checken we vroeg uit en geven de bagage in bewaring voor een tocht naar de bekende Detian River watervallen, 3,5 uur rijden, op de grens met Vietnam (westelijker dan we straks met de trein zullen gaan). We rijden door prachtige kalkrotslandschappen (à la Guilin, Corine en Jurriaan).
De waterval is de grootste van Azië. Hij is prachtig mooi, zowel het brede Chinese deel en het smallere Vietnamese deel. Het Chinese deel is 20 tot 25 meter breed en valt via vier bordessen over een hoogte van ruim 70 meter. Daarnaast komt het Vietnam deel ook ca 20 meter breed en 40 meter hoog. Het lijkt erop alsof er twee rivieren hier samen komen, maar we kunnen dit niet bevestigd krijgen. Prachtigmooi, ook de rondwandeling daar.


Bij Geer komt het geweldige gevoel weer boven zoals ze dat had bij Murchison Falls in Uganda vier jaar geleden. Daar stort de Witte Nijl zich als het ware door een kloof, ook de hoeveelheid water bij Murchison Falls is meer. Hier zijn de vallen veel breder en de kracht van het water lijkt daardoor minder. Prachtig om de nevels te zien opstijgen van het vallende water. De rondwandeling brengt ons op de vier niveau’s, waardoor je heel mooi elke stap kunt zien.

De begroeiing in dit bijna tropische deel is weelderig waardoor op vele plaatsen de rivier uit onverwachte bosjes omhoog komt spuiten.
Ook eigenlijk heel grappig om nu een dag voor we naar Vietnam gaan zo vanuit China Vietnam in te kijken.
Op de terugweg stoppen we als we zien dat er druk gewerkt wordt op de rijstvelden. Het is goed te zien hoe men dit werk in groepjes doet en niet alleen. Ook zien we weer hoe de rijst eerst in bedden gekweekt wordt, vervolgens wordt uitgeplant en tot slot geoogst. Alle handelingen konden we hier op dezelfde plek zien.


Om half zes terug in het hotel, snel een paar mails uitdraaien van hotel in Hanoi en Singapore, wat eten en naar het station.

Einde van 50 dagen China.

Deel 30: etappe 15, Shanghai - Nanning, 0724 - 0725

We vertrekken om 17:00 uur, dit keer weer een hardsleeper. De wagon is van een vroegere jaargang, deze hardsleeper heeft geen deuren bij de coupés, het geroezemoes uit al de andere coupés is veel meer te horen. Verder spreekt niemand in onze coupés engels, maar met handen en voeten gaat eea prima. De onderste bedden worden in genomen door een koppel met familie lid (?), groepje van drie. De andere middenplaats door een meisje dat direct gaat slapen. En Geer en Kees op de twee bovenste bedden. We merken dat je in deze verhouding meer aangewezen bent op de klapstoeltjes in het gangpad. De onderste banken worden door het drietal gebruikt en heel vaak in horizontale houding. En dat zijn tenslotte hun banken.
Later dient een meisje van 19 jaar uit een naburige coupé zich aan om te vertalen. Zij is samen met haar moeder op weg naar een stadje, ca vier uur voor Nanning om grootmoeder te bezoeken. Zij heeft net haar eindexamen gehaald en mag waarschijnlijk in Shanghai aan de Fudan University Engels en Journalisme gaan studeren. Haar moeder is arts in de chinese medische gebruiken; veel kruiden vertelt zij en ook acupunctuur. Haar moeder had ze naar ons toegestuurd om haar engels te oefenen. Zij heeft veel vragen over NL en wij veel over China: het pensioen syteem, vrouwen gaan met 55 jaar met pensioen en mannen met 60 jaar, maar het pensioen is laag en eigenlijk kun je er niet helemaal van leven. Ook hier is het wijs je bij te verzekeren, hetgeen haar moeder en vader hebben gedaan. Vader werkt als dounaneman in Nanning. Over het schoolsysteem en hoe belangrijk het contact met de grootouders is, etc. Buiten zien we de rijstvelden, het is nat geweest en dat is hier en daar duidelijk te zien. De avond valt snel in. De volgende ochtend zijn we reeds in de buurt van Guilin, daarzijn we drie jaar geleden geweest en toen waren we verbaasd over de kalkrotsen die als het ware ineens boven de rijstvelden uitsteken.
Het doet onze gedachten gaan naar de plaatjes die we gezien hebben vanHalong Bay in Vietnam,waar je diezelfde soort rotsen ineens uit het water ziet oprijzen. Kennelijk heeft op beide plaatsen hetzelfde geologische proces zich milljoenen jaren geleden afgespeeld. Rijst velden zijn al gemaaid, op sommigestaan nog de schoven. Dichter naar Nanning toe wordt het landschap weer vlakker, maar toch blijft gelden dat bijna iedere vierkante meter is ontgonnen. We komen rond negen uur ’s avonds in Nanning aan.